Geloof


Enkele voorstanders van het Enige Ware Geloof namen ostentatief oppositie in tegen meester Frederick Leopold van Planckensteijn en vroegen: "Zeg, gelooft u eigenlijk wel in de Enige Ware God?"
De meester keek de voorstanders aan en zei: "Laat mij u een vraag stellen: als de Zoon des Menschen wederkomt zal Hij dan geloof vinden op aarde?"
De voorstanders verfronsten en hun woordvoerder sprak: "Zowaar d'n HEERE leeft zal Hij bij Zijn wederkomst in ons, Zijn knechten, het Enige Ware Geloof vinden".
De meester zei: "Laat mij u nog een vraag stellen: wat is geloof?"
De voorstanders van het Enige Ware Geloof sprongen in de houding en citeerden Hebreen 11:1 in koor: "Het geloof nu is de zekerheid der dingen die men hoopt, en het bewijs der dingen die men niet ziet!"
De meester keek de woordvoerder aan en zei: "Beste mens, wanneer d'n HEERE op de wolken verschijnt, in Zijn volle glorie, met de engelen en de heiligen met Hem, en alle vlees zal Hem zien en alle knie zal zich buigen, wat blijft er dan nog ongezien voor u om in te geloven?"


• • •